|
Boekbeschrijving Multi
Personality Syndrom van Michaela Hüber
|
Deze boekbeschrijving is een overzichtswerk
over het ontstaan,
de herkenning en de behandeling van dissociatieve
identiteitsstoornissen. Het is geschreven vanuit een
feministische visie op deze complexe en ingrijpende
stoornis van de beleving van de eigen persoon bij een
Meervoudige Persoonlijkheid. Het geeft een overzicht van
de stand van zaken voor het ontstaan, de herkenning en de
behandeling van deze stoornis rondom 1995 en geeft een
goed inzicht en praktische tips voor de praktiserende
therapeut.
Indeling boekverslag
- Persoonlijke Inleiding
- Kern boek
- Wat is een Meervoudige Persoonlijkheid?
- Hoe ontstaat een Meervoudige Persoonlijkheid?
- De diagnostiek, wie is meervoudig en wie niet?
- Essentiële verschillen bij behandeling van MPS t.o.v.
andere traumatische ervaringen.
- Voorbereiding op Therapie.
- De Therapie.
|
Pagina 1
|
Persoonlijke inleiding, Joop Smulders
Dit boekverslag is geschreven als afstudeeropdracht voor
de derdejaars student aan de SRN opleiding (Stichting
Reďcarnatie-therapie Nederland). Als student aan de SRN
wordt je in de opleiding meerdere malen sterk getriggerd
door bepaalde onderwerpen die behandeld worden. Deze
‘onbewuste herkenning en reactivering van je eigen proces’
geven voor jezelf aan waar je als therapeut zelf nog aan
moet werken om je eigen traumatische verleden te zuiveren
en je ziel te laten groeien in een bewuste, zelfgekozen
richting, dus vanuit overleven naar leven.
Voor mij was zo’n moment bij het onderwerp ‘Meervoudige
Persoonlijkheden’, niet zozeer door de stoornis op zich
maar door de oorzaken die zo’n stoornis kunnen veroorzaken.
Het heeft mij uiteindelijk de moed gegeven om te gaan
werken aan mijn diepste angsten en verdriet maar ook aan
de keerzijde, mijn schaduwzijde, allemaal redenen waarom
ik met deze opleiding ben begonnen.
Terecht benadrukt de schrijfster voor de lezer de impact
van de cijfermatige gegevens en de beschrijvingen van
ervaringen van ‘Meervoudige Persoonlijkheden’ over hun
misbruik, hun mishandeling of hun verwaarlozing die in
het boek worden weergegeven. Nog steeds kan ik niet
volledig geloven dat de cijfers of de beschrijvingen in
hun totale kader waarheid zijn. Nog steeds kan ik niet
volledig geloven dat er mensen zijn die tot zulke
gruwelijke daden in staat zijn ten opzichte van hun
medemens en zeker niet ten opzichte van onschuldige
kinderen. Ik kan het begrijpen als het gebeurt in de
waanzin van een oorlog, ik kan het al minder begrijpen
als verklaard wordt dat het plaats heeft gevonden in de
historie maar dat het nu nog bewust en gestructureerd in
het dagelijkse leven van een gewoon gezin in een gewone
stad of dorp gebeurt gaat mijn begripsniveau nog steeds
te boven.
De schrijfster refereert aan onderzoeken die aangeven dat
de relatieve frequentie van seksuele mishandeling in de
jeugd 6 tot 70% is bij vrouwen en 3 tot 30% bij mannen.
Slachtoffers van seksueel misbruik, verkrachting en
seksuele dwang zijn voor 75% meisjes onder de twintig. De
daders die voor de eerste keer seksueel geweld plegen
jegens kinderen zijn voor 98% mannen: in 50 tot 75% van
de gevallen is het de vader of stiefvader. De schrijfster
trekt als conclusie dat in de geďndustrialiseerde landen
1 op de 4 tot 1 op de 3 kinderen op een of andere manier,
zwaar traumatisch, misbruikt, mishandeld of verwaarloosd
wordt vanaf hun vroegste jeugd. Bij sommige gebeurt dit
al in de baby tijd.
De referentie die de schrijfster geeft over daders zijn:
familie zoals vaders, grootvaders, broers en ooms,
kindervrienden, kameraden, betalende buitenstaanders,
producenten en consumenten van kinderpornografie,
pooiers, dealers, wapensmokkelaars, vrouwen als daders en
medeplichtigen en als meest afschuwelijke, de
satanssekten en de rituele mishandeling.
Het is daarom van belang dat elke therapeut die zijn vak
goed wil uitoefenen weet moet hebben van deze
gebeurtenissen die zich dagelijks afspelen in vele
huizen in Nederland. En ook al zouden de cijfers van de
schrijfsters niet geheel correct zijn, ook al zou de
werkelijkheid maar de helft of een kwart zijn wat
aangegeven wordt, dan nog zou het de verantwoordelijkheid
moeten zijn van elke Nederlander om bij verondersteld
misbruik, mishandeling of verwaarlozing de bevoegde
instanties ogenblikkelijk in te lichten. Als therapeut
moet het een professionele uitdaging zijn vanuit liefde
om mensen, die op deze wijze getraumatiseerd zijn, te
helpen een beter leven te kunnen laten leiden.
|
Pagina 2
|
Kern van het boek
Via een stapsgewijze opbouw wordt aangegeven:
Wat het lijden is geweest en nog is van een
‘Meervoudige Persoonlijkheid’, het misbruik, de
mishandeling en/of de verwaarlozing vanaf de vroegste
kinderjaren en nu de continue angst voor het wisselen van
de persoonlijkheden waardoor de ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ niet weet wat in bepaalde tijden door
haar/hem is gedaan, de angst voor de lichamelijke
beschadigingen die de ‘Meervoudige Persoonlijkheid’
zichzelf aanbrengt en altijd het idee dat mensen haar/hem
voor gek zullen verklaren.
Wat de exacte definitie is van een ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ volgens het diagnostische handboek maar
vooral wordt er de nadruk opgelegd hoe de ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ ontstaat, het zodanig dissociëren vanuit
de gewelddadige werkelijkheid, een bijna doodservaring,
en het daarbij creëren van een aantal alters die allen
een deel van het trauma weten en ervaren om het
slachtoffer te beschermen voor de gruwelijkheid van de
totale traumatische ervaring. Het dissociëren en creëren
van alters is dus een overlevingsstrategie van de
‘Meervoudige Persoonlijkheid’.
Wie de daders zijn in deze gewelddadige situaties
waarbij met name wordt benadrukt dat het, voor de
buitenwereld, gewone, nette mensen zijn waarvan je het
misbruik, de mishandeling en/of de verwaarlozing zeker
niet zou verwachten. En wat belangrijk is dat deze daders
nauwelijks te pakken zijn omdat de traumatische ervaring
door het bewustzijn van de ‘Meervoudige Persoonlijkheid’
wordt afgeschermd en meestal pas jaren later in therapie
een stukje van de sluier wordt opgelicht, maar dan is of
de misdaad reeds verjaard, of is niet meer te bewijzen
wat de ‘Meervoudige Persoonlijkheid’ is aangedaan. Het
meest tragische is dat de maatschappij nog steeds niet
doordrongen is van, of bagatelliseert, wat in zoveel
gezinnen plaatsvindt. De wantrouwige lezer zou zelfs de
conclusie kunnen trekken dat blijkbaar veel invloedrijke
mensen misschien tot de daders behoren want het stelen
van geld wordt altijd nog sneller onderzocht en zwaarder
bestraft als het plegen van misdrijven zoals die zijn
ervaren door een ‘Meervoudige Persoonlijkheid’.
Hoe het normaalwaanzinnige leven van een
‘Meervoudige Persoonlijkheid’ eruit ziet, wat het
betekent om tijd kwijt te raken, om stemmen te horen in
je hoofd die je bekritiseren, om je niet alleen te voelen
in je lichaam, verschillende handschriften,
kledingstukken, voorkeuren en vrienden te hebben,
‘bovennatuurlijke gaven’ te hebben zoals déjŕ vu,
flashbacks, telepathie, voortdurend te moeten veinzen en
wat het betekent om permanent angst te hebben.
|
Pagina 3
|
Op welke wijze de ‘Meervoudige Persoonlijkheid’
gediagnosticeerd kan worden en hoe psychotherapie toe te
passen met ‘Meervoudige Persoonlijkheden’ die wezenlijk
anders is dan het werken met getraumatiseerde mensen die
het trauma via een andersoortige stoornis in zichzelf
hebben opgeslagen. De ‘Meervoudige Persoonlijkheid’ zal
eerst moeten weten welke stoornis zij/hij heeft, dan zal
er een veilige omgeving moeten zijn (er kan nog altijd
een dreiging uitgaan van de daders), er moet een duidelijk
contract met alle of met zoveel mogelijk alters worden
afgesloten dat er geen geweld gebruikt wordt, zowel niet
naar buiten toe richting andere mensen alsook niet intern
naar andere alters toe, de interne communicatie tussen de
alters moet bevorderd worden d.m.v. (dagboek) schrijven,
tekenen, schilderen en spelen, er zal intern een veilige
plek gecreëerd moeten worden waar alters naartoe kunnen
als eventuele herbelevingen te zwaar gaan worden.
Zogenaamde vernietigingsprogramma’s die daders via alters
in de ‘Meervoudige Persoonlijkheid’ hebben geprogrammeerd
zullen aangepakt moeten worden.
En spontane herbelevingen moeten voorkomen worden omdat
de ‘Meervoudige Persoonlijkheid’ zich daardoor weer
traumatiseert en haar/zijn overlevingsstrategie gaat
toepassen in het creëren van de zoveelste alter. Via
traumasynthese wordt dan langzaam gewerkt aan het
verwerken van de trauma’s waarbij het doel is om alle
alters met elkaar te laten samenwerken. Het doel van de
therapie wordt dan uiteindelijk bereikt, het zodanig
kennen van alle alters en/of het integreren van diverse
alters in een alter waardoor de ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ ten alle tijden weet wat zij doet, GEEN
tijd meer kwijtraakt en de verantwoordelijkheid voor
haar/zijn daden zelf op zich kan nemen. Daardoor zal de
‘Meervoudige Persoonlijkheid’ ook de permanente angst
kwijtraken die zij/hij altijd ervaren heeft.
Wat is een ‘Meervoudige Persoonlijkheid’?
Volgens het DSM-III-R (internationaal diagnostisch
handboek voor psychische stoornissen) wordt de
‘Meervoudige Persoonlijkheid’ als volgt gedefinieerd:
|
Pagina 4
|
Het eerste criterium beschrijft de splitsing (dissociatie)
in verschillende alters, die elk een eigen leven gaan
leiden. Het tweede criterium maakt duidelijk waar het
onderscheid ligt met veel andere mensen die bijvoorbeeld
een ‘verborgen kind’ in zich hebben die zich soms
manifesteert. Bij de ‘Meervoudige Persoonlijkheden’ nemen
de deelpersoonlijkheden op gezette tijden volledig de
controle over het gedrag, het denken, het lichaam en de
gevoelens over. Dat heeft vaak tot gevolg dat de persoon
zelf helemaal niet weet dat ze af en toe iets zegt, denkt,
voelt of doet wat ze zelf ‘nooit zou doen’. Ze heeft dan
een volledige amnesie voor de tijd waarin de andere
persoon ‘buiten’ is.
Het is frappant dat in deze twee criteria het ‘kwijt zijn
van de tijd’ (de amnesie), (een andere alter is naar
buiten getreden en heeft de persoonlijkheid overgenomen),
niet als duidelijk aspect naar voren komt. Het is juist
een van de meest aantoonbare bewijzen voor de diagnose van
een ‘Meervoudige Persoonlijkheid’ en een van de meest
frustrerende ervaringen voor de ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ zelf waardoor deze zich terugtrekt uit
de maatschappij omdat ze/hij bang is voor wat ze/hij doet
terwijl ze/hij niet weet dat ze/hij het doet.
De ‘Meervoudige Persoonlijkheid’ heeft dus in zich een
aantal alters gecreëerd die haar/hem helpen om niet de
gruwelijkheid wat zij/hij heeft meegemaakt te ervaren in
haar bewuste en die geschikt is om een gedeelte van het
trauma, op welke wijze dan ook, te handelen. Deze alters
hebben in het merendeel een eigen naam en een van de
criteria om te diagnosteren of iemand een ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ is het vragen om de naam van de alter
die naar buiten treed. Elke alter heeft een functie zoals
de beschermer, de gevoelloze, de waarnemer, het
pijnlijke kind, het verwarde kind, de vernietiger, de
aanvaller et cetera en kunnen variëren in leeftijd en in
geslacht. Degene die het meest naar voren treed en ook
meestal in therapie wil is de Gastvrouw/man.
Deze wordt zo genoemd omdat niet aangetoond kan worden
wie uiteindelijk de echte oorspronkelijke mens is die er
was voordat de splitsingen begonnen.
Verder is het zelfs mogelijk dat een alter een eigen
stofwisseling ontwikkelt, een eigen schrijf- en
praatstijl, zeker een eigen voorkeur heeft voor kleren en
bijvoorbeeld muziek en inrichting. De schrijfster geeft
zelfs aan dat de kleur van de ogen zich kan wijzigen bij
een zogenaamde switch, dat is dat een andere alter in
een keer de persoonlijkheid overneemt en een totaal
ander gedrag kan gaan vertonen. Deze overname geschiedt
altijd als er een zodanige trigger komt dat de alter
daardoor genoodzaakt wordt om naar buiten te treden of
intern in het systeem van deze ‘Meervoudige
Persoonlijkheid’ acties gaat ondernemen om bijvoorbeeld
te straffen, de door de daders geprogrammeerde alters.
Het moge duidelijk zijn dat, wil de psyche van de mens de
normale persoonsontwikkeling van een opgroeiende mens
zoveel geweld aandoen door op deze wijze meerdere
personen in een persoonlijkheid te ontwikkelen, deze mens
gruwelijke ervaringen moet hebben gehad.
|
Pagina 5
|
Hoe ontstaat een Meervoudige Persoonlijkheid?
De schrijfster stelt dat voor het ontstaan van een
‘Meervoudige Persoonlijkheid’ vier voorwaarden zijn:
- De persoon moet van het vrouwelijk geslacht zijn.
- De persoon moet goed kunnen dissociëren.
- De persoon heeft zeer ernstige trauma’s meegemaakt in
de kindertijd.
- De persoon heeft ervaren dat niemand, maar dan ook
niemand helpt.
Voorwaarde een lijkt de cijfers van misbruik bij meisjes
en jongetjes tegen te spreken maar de schrijfster wil met
name daarmee duidelijk maken dat het vrouwelijk geslacht
reeds duizenden jaren lijdt onder de onderdrukking van
de man, de goede niet te na gesproken. Maar de kans dat
een kind van het vrouwelijk geslacht seksueel wordt
misbruikt is nu eenmaal groter dan bij een kind van het
mannelijk geslacht.
Maar toch bestrijd ik enigszins de eerste voorwaarde
omdat A) wel degelijk aantoonbaar kinderen van het
mannelijk geslacht seksueel worden misbruikt, door mannen
maar ook door vrouwen en dat mishandeling, verwaarlozing
en met name passieve agressie zeker net zo veelvuldig
plaatsvindt bij kinderen van het mannelijk geslacht als
bij kinderen van het vrouwelijk geslacht.
Voorwaarde twee is de onbewuste verdediging tegen de
extreme, ondraaglijke geweldpleging die het kind moet
ondergaan. Het voornaamste kenmerk van een dissociatieve
stoornis is een verandering in de normale integratieve
functies van identiteit, geheugen en bewustzijn. De
verandering kan plotseling of geleidelijk optreden en van
voorbijgaande aard zijn of chronisch zijn. Als de
verandering primair de eigen identiteit betreft, wordt de
werkelijke identiteit tijdelijk vergeten en kan er een
nieuwe identiteit aangenomen of opgedrongen worden.
Met andere woorden: de waarheid wordt geheel verdrongen
in het onbewuste van het kind en daarvoor in de plaats
maakt het kind andere herinneringen en indien nodig ook
een andere persoonlijkheid die met deze herinnering goed
kan omgaan. Voor de therapeut geldt hier: als we
begrijpen hoe de meervoudige persoonlijkheid haar/zijn
ervaring heeft gedissocieerd, kan deze geholpen worden
door deze ervaringen weer te associëren.
Wel moet men zich realiseren dat door de dissociatie en
de ontstane meervoudige persoonlijkheden er een sterk
gefragmenteerd bewustzijn is waar geheel aan elkaar
tegenstrijdige herinneringen dikwijls het overzicht voor
de therapeut sterk beďnvloeden. Bijvoorbeeld, een cliënte
heeft zeer goede herinneringen aan haar vader, is zeer
bang in het donker en voelt dat ze daar haar vader nodig
heeft en cliënte heeft flashbacks waarin haar vader angst
bij haar oproept.
|
Pagina 6
|
Voorwaarde drie is een voortdurend, allesoverheersend,
levensbedreigend gevaar dat al in de vroegste jeugd
begint. Meervoudigheid vertegenwoordigt dus een extreme
vorm van de drang tot zelfbehoud. Kennelijk is het de
psychische equivalent van ‘vechten of vluchten’ voor veel
misbruikte kinderen, die voor beide nog te klein zijn of
niet kunnen vluchten, gelegen in een dissociatie die
bewerkstelligt dat de oorspronkelijke persoonlijkheid
tijdelijk ‘afwezig’ is en daarmee beschermd is tegen
angst en pijn. Dit drastische overlevingsmechanisme
vereist dus ook een extreem hoge vorm van waakzaamheid,
continue alert zijn en zeer fijne voelhoorns hebben voor
bepaalde zaken. (Bijvoorbeeld het kraken van een deur)
Het proces van afsplitsing is dan:
- Eerst wordt het trauma afgesplitst
- Bij regelmatige herhaling van het trauma wordt
ook de identiteit gesplitst
- Het trauma wordt in delen opgesplitst
- Tussen de traumadelen worden geheugenversperringen
opgericht. (Amnestische barričres)
Dikwijls vindt dit proces al plaats gedurende het
ondergaan van het trauma zodat er meerder alters ontstaan
die ieder een deel van het trauma ervaren.
Voorwaarde vier is dat niemand maar dan ook werkelijk
niemand helpt. Ook de moeder, degene die het kind in haar
vroegste jeugd zo sterk nodig heeft, is er niet voor het
kind. Integendeel, in nagenoeg alle gevallen is de
moeder een onderdeel van het trauma wat het kind beleeft.
Het is een van de grootste taboes in onze maatschappij
dat kindermishandeling in het merendeel van de gevallen
door moeders worden gepleegd. Maar ook opa, oma, ooms,
tantes, neven, nichten, buren, leraren helpen niet.
Meestal mogen ze het kind ook niet omdat het zich vreemd
gedraagt, onvoorspelbaar is en dikwijls geheel afwezig is.
Als een van de grondvoorwaarden voor het ontstaan van een
meervoudige persoonlijkheid geldt dat bij hetzelfde
gedrag van het kind dit de ene keer een negatieve reactie
en de andere keer een positieve reactie bij de moeder
oproept.
De daders zijn in nagenoeg alle gevallen niet te pakken.
Waarom? Het is nauwelijks of niet te bewijzen, het zijn
fantasieën van kleine kinderen, het is aandachttrekken
van pubers of volwassenen maar het belangrijkste is dat
de maatschappij niet of nauwelijks accepteert wat er
gebeurd en wat in zoveel gezinnen meegemaakt wordt.
Maar de moeder blijft hier toch een centrale figuur. Zelfs
na jaren, als het kind volwassen is en de moeder
confronteert met het doorstane geweld wordt nagenoeg
altijd gereageerd met ‘praat daar toch niet over’, ‘dat
kan ik me niet voorstellen’, ‘dat kan toch niet zo erg
geweest zijn’, ‘dat moet je maar vergeten’, ‘hoe durf je
zo over je vader, broer of oom te praten’ Nee, liever
wordt de zoon of het kind weer opnieuw geofferd aan de
frustratie, daderschap of angst van de moeder.
|
Pagina 7
|
Om de lengte van dit verslag te beperken worden de
volgende onderwerpen niet beschreven:
- Het normaalwaanzinnige leven van een MPS’er.
Het moge duidelijk zijn dat de voorgaande onderwerpen
mede helpen om het volgende hoofdstuk, de diagnostiek,
inhoud te geven.
|
Pagina 8
|
De diagnostiek, wie is meervoudig en wie niet?
Het grootste probleem bij de diagnostiek van de
meervoudige persoonlijkheids-stoornis is dat de MPS’ers
een groot aantal zeer uiteenlopende symptomen vertonen,
zodat MPS moeilijk te herkennen is. Het op een na
grootste probleem is dat MPS deel uitmaakt van een breed
spectrum van dissociatieve symptomen en dat lang niet
iedereen die een dissociatieve stoornis heeft ook
meervoudig is.
Volgens de diagnose is iemand meervoudig die de volgende
kenmerken vertoont:
Verder een aantal niet ‘specifieke’ kenmerken zoals:
- voorgeschiedenis van seksuele en/of fysieke
mishandeling in de kindertijd
- Vrouwelijk geslacht
- Leeftijd tussen twintig en veertig jaar
- Tijdverlies, leemten in geheugen
- Stemmen in het hoofd of andere Schizofrene symptomen
- Aan bijna alle DSM-III-R-Criteria voor de borderline
persoonlijkheid voldoen
- Eerder psychotherapeutische behandelingen hebben geen
substantiële verbetering gebracht
- Zelfvernietigend gedrag
- Geen denkstoornis
- Hoofdpijn
- Geheugenverlies over grote delen van de kindertijd of
zeer vage uitspraken over deze tijd
|
Pagina 9
|
En een aantal kenmerken (tenminste vijf) van een
Borderline syndroom zoals:
- Patroon van instabiele en intense relaties,
gekenmerkt door wisselingen tussen overmatige
idealisering en kleinering
Impulsiviteit op tenminste twee van de volgende
gebieden: geld verkwisten, seks, misbruik van middelen,
winkeldiefstallen, roekeloos autorijden, overmatig veel
eten
Affectlabiliteit, opvallende wisselingen van
normaal naar depressieve stemmingen, prikkelbaarheid of
angst, enkele uren tot een paar dagen durend
Uitgesproken en voortdurende identiteitsstoornis
via onzekerheid over tenminste twee van de volgende
punten: zelfbeeld, seksuele oriëntatie, doelen op lange
termijn, of beroepskeuze, gewenste soort vrienden,
geprefereerde waarden
Er is een speciale vragenlijst ontwikkeld voor het
diagnosteren van MPS, de zogenaamde DDIS lijst
(Dissociative Disorders Interview Schedule) en verder is
er een vragenlijst, de Nederlandse versie van de SCID-D
voor DSM-IV diagnostiek door BOON en Draijer die zich met
name richt op Amnesie, Depersonalisatie, Derealisatie,
Identiteitsverwarring en fragmentering.
Noten bij diagnostiek
Het onderscheid tussen een MPS syndroom en Schizofrenie
is dat een MPS’er niet reageert op neuroleptica
(medicamenten om schizofrenie te behandelen) of er alleen
maar versuft door raakt en het aantal alterwisselingen
neemt daarmee toe.
Denk in twijfelgevallen altijd: er is pas een geval van
MPS gediagnosteerd wanneer de therapeut met een van de
alters heeft gesproken.
|
Pagina 10
|
Om de lengte van dit verslag te beperken worden de
volgende onderwerpen niet beschreven:
- Zelf meervoudig zijn of vermoeden hebben het te
zijn (tips blz. 151/152)
Het moge duidelijk zijn dat de voorgaande onderwerpen
mede helpen om het volgende hoofdstuk, de essentiële
verschillen bij de behandeling van MPS, inhoud te geven.
Kernpunt voor de therapeut is daarbij: bescherm jezelf
goed, zorg goed voor jezelf – en hou vol!
Essentiële verschillen bij behandeling van MPS t.o.v.
andere traumatische ervaringen.
Wat de MPS’er heeft meegemaakt was zodanig
levensbedreigend dat er een bijna automatische reactie is
ontstaan om de identiteit te splitsen bij een bedreigende
situatie. Een regressie aan het begin van het
therapeutisch proces naar een herbeleving van een zo’n
zwaar trauma leidt in alle gevallen tot het verder
traumatiseren van de cliënt. Dus bij een MPS’er geen
herbeleving stimuleren voordat er contact is gemaakt met
alle alters en er zeker contact gemaakt is met de meest
volwassen en sterke alter die invloed heeft op andere
alters. En ook geen herbeleving voordat er een veilige
plek is gecreëerd waar alle alters zich OK voelen als er
gevaar zou dreigen. En verder ook reeds de tips van de
aangegeven bladzijden in praktijk brengen helpt de MPS’er
om goed door het proces van therapie heen te komen.
|
Pagina 11
|
Voorbereiding op de Therapie.
Het kan soms maanden duren voordat een MPS’er laat blijken
dat hij/zij een MPS’er is. Meerdere sessies zijn gedaan
en dan pas heeft de MPS’er zoveel vertrouwen in de
therapeut dat hij/zij durft toe te geven weleens stemmen
te horen. En als de therapeut na een aantal maanden
bemerkt dat deze werkt met een MPS’er, pas dan gaat de
‘Voorbereiding op de therapie’ in.
Bij deze voorbereiding moet bewust gewerkt worden naar
een goede opbouw van de therapeutische relatie en
stabilisering van de situatie. Je gaat als therapeut per
slot van rekening werken met ‘groepstherapie bij een
persoon’ dus moet er duidelijkheid, regels en discipline
zijn anders werkt dit niet.
Is ‘vertrouwen’ voor een cliënt in gewone therapie al
belangrijk, voor een MPS’er is het van levensbelang omdat
er zoveel op het spel staat bij zo’n persoon. En de
gastvrouw/man, de alter die zich in de gewone situatie op
de voorgrond plaatst en dan de gesprekspartner is van de
therapeut, kan dikwijls niet geloven wat er naar boven
komt en wat de diagnose is. En een aantal innerlijke
alters, ‘de waarnemers en de beschermers’ zien de
therapeut lange tijd als een dader die het evenwicht van
de MPS’er gaat verstoren. Hoe opener en completer de
therapeut uitlegt wat de situatie is van een MPS’er en
aangeeft wat er gebeurt en kan gebeuren, hoe meer
vertrouwen er ontstaat in de totale groep alters waar mee
gewerkt moet worden. En toch zullen er een aantal alters
wantrouwend blijven dus de therapeut moet daar erg alert
op zijn. Dus is het belangrijk dat de MPS’er zo volledig
mogelijk doordrongen wordt over de diagnose en de
therapiedoelen. Tijdens deze uitleg moet de therapeut in
het meervoud gaan spreken omdat ze per slot van rekening
therapie doet met een groep. En het therapiedoel moet ook
van meet af aan duidelijk zijn: het samenvoegen van de
afgesplitste identiteiten tot een coherente
persoonlijkheid.
De therapeutische setting is dat er met meerdere
therapievormen gewerkt zal moeten worden tijdens het
gehele proces om zoveel mogelijk het therapiedoel te
bereiken. De frequentie van de therapie is een of
tweemaal per week en dat soms voor 6 tot 8 jaren.
Belangrijk is om ook zeker te stellen dat een sessie
altijd volledig afgewerkt moet kunnen worden anders moet
men er niet aan beginnen.
Hier is een regel voor, opgesteld door Richard Kluft:
Wanneer het de therapeut niet lukt om het te behandelen
materiaal in het eerste deel van de zitting aan de orde
te stellen, om het dan in de rest van het eerste en
gedurende het tweede deel te exploreren, het vervolgens
door te geven aan de andere persoonlijkheidsdelen en de
patiënte in het derde en laatste deel weet te
stabiliseren – dan moet dit materiaal niet worden
aangeroerd, daar anders het gevaar bestaat dat de
patiënte de therapeutische zitting in ontredderde
toestand verlaat.
|
Pagina 12
|
Verder is het belangrijk om een echt schriftelijk
contract met de MPS’er af te sluiten met als doel om
geweld zoveel mogelijk buiten te sluiten. Een Amerikaans
voorbeeld: ‘ik verplicht me ertoe noch mijzelf noch
anderen – in me of buiten me - te verwonden of te doden,
hetzij opzettelijk, hetzij door ongelukken, nu en in de
toekomst’.
Het contract wordt dus afgesloten met de Gastvrouw en
alle andere alters. In nagenoeg alle gevallen zijn er
alters die hier niet aan meedoen, openlijk of achterbaks,
maar het contract is zinvol voor het geweld en omdat het
een van de eerste samenwerkingsvormen tussen de alters
afdwingt.
Om ook de onwillige alters er verder in te betrekken kan
het zinvol zijn een beperkt contract te maken
bijvoorbeeld:
‘Mocht iemand van ons de drang krijgen zichzelf of
anderen, binnen of buiten, te verwonden of te doden, dan
verplichten we ons ertoe ervoor te zorgen dat deze drang
niet in daden wordt omgezet totdat we (naam therapeut)
weer hebben gezien en er met hem/haar over gesproken
hebben.
Verder is er een essentiële voorwaarde voor het werken
met een MPS’er: er moet een einde zijn gekomen aan de
traumatisering wanneer de therapie begint. Contact hebben
met de dader(s) wordt daar ook nog onder verstaan omdat
deze daders de MPS’er meedogenloos bedreigen of
voorgeprogrammeerde programma’s in de MPS’er laten
starten waardoor deze gaat verwonden of in het ergste
geval een einde maakt aan haar/zijn leven.
Om deze voorwaarde nog wat aan te scherpen: zolang er nog
contact is met de daders kan de MPS’er alleen
therapeutisch begeleid worden. Met de behandeling van het
trauma kan pas worden begonnen wanneer het contact met de
daders is beëindigd.
In het verlengde van deze voorwaarde ligt de bescherming
van de cliënt.
Is er op welke manier dan ook nog contact met de daders
dan worden deze ingelicht door een advocaat die is
ingehuurd door de MPS’er en waarin aangegeven wordt dat
de bevoegde autoriteiten worden ingelicht mocht de MPS’er
of iemand in haar naaste omgeving iets overkomen.
De gehele voorbereiding is er dus met name op gericht om
de veiligheid van de MPS’er, iets wat deze nooit ervaren
heeft, zoveel mogelijk veilig te stellen.
Nadat dit is gebeurd en de therapeut nogmaals heeft
duidelijk gemaakt dat haar/zijn werk is: het geven van
hulp en ondersteuning bij het toenaderingproces en
eenwordingsproces in het innerlijk van de MPS’er. Bij dit
eenwordingsproces hoort ook dat de volwassen delen van de
MPS’er de kindalters in zich opnemen of hen beschermen.
Pas dan kan aan de therapie worden begonnen
|
Pagina 13
|
De Therapie
De therapie bestaat uit vier fasen:
- Bevordering van de interne communicatie tussen de
alters
- Programmering en deprogrammering
- Verwerking van het trauma
- Integratie en fusie van de alters,
post-integratieve arbeid.
Bevordering van de interne communicatie tussen de alters
Een van de belangrijkste rollen van de therapeut ten
opzichte van de MPS’er is die van bemiddelaar.
Zij/hij probeert de verschillende alters met elkaar in
contact te brengen zodat er op een dag uit de vele
‘ikken’ een samenhangende identiteit kan ontstaan.
Be shallow oftewel, wees vlak: hierbij
geldt dat de therapeut niet te diep moet gaan graven maar
gewoon moet werken met dat wat naar buiten komt. Het
betekent ook dat de therapeute zich echt moet afschermen
van datgene wat de MPS’er heeft meegemaakt en de
verantwoordelijkheid van het proces geheel in handen legt
van de MPS’er. Dit om twee redenen: ten eerste kan de
therapeut zichzelf ernstig leed aandoen door teveel mee
te gaan in datgene wat de cliënt is aangedaan en ten
tweede moet het voor de cliënt continue duidelijk blijven
dat de innerlijke problemen van de cliënt alleen maar
opgelost kunnen worden door de cliënt zelf, er mag niet
nog een zogenaamde afgeleide alter ontstaan
(de therapeut).
De therapeut moet er ook continue voor zorgdragen dat het
trauma op zich niet wordt herbeleefd
omdat de ervaring zo intens slecht was dat de cliënt
opnieuw getraumatiseerd wordt en alsnog eventueel weer
een nieuwe alter creëert. Eventuele herbeleving alleen op
herkenningsniveau van de alter want daarom is deze alter
ontstaan. Dus geen werken naar een catharsis maar het
doel nastreven, samenwerken van de alters. Pas na een
grondige communicatie tot stand gebracht te hebben tussen
de alters en er een veilige plek gecreëerd is kan men
voorzichtig traumadelen gaan herbeleven. De veilige plek
is met name voor de trauma alters.
In dit deel van de therapie is het ook belangrijk om de
cliënt aan te moedigen om te gaan tekenen, schilderen,
(dagboek) schrijven en te gaan spelen. Deze
middelen worden ingezet om de interne dialoog tussen de
alters te bevorderen en indien mogelijk de therapeut
inzage te geven in de interne dialoog van de alters.
Bij bijvoorbeeld het dagboek schrijven kan begonnen
worden met daarin te laten schrijven door de gastvrouw:
‘aan allen die iets mee willen delen’. De deelpersonen
schrijven vaak wanneer de ‘gastvrouw’ denkt te slapen of
te rusten – vaak weet de gastvrouw in het begin niet dat
ze amnestisch is geweest voor die periode.
In elke MPS’er zitten een aantal zwaar getraumatiseerde
kindidentiteiten en voor deze kindidentiteiten moet goed
gezorgd worden. In nagenoeg alle gevallen heeft een MPS’er
ook een aantal beschermidentiteiten afgesplitst. Zoveel
mogelijk moet er aan gewerkt worden om deze beschermers
in het begin van de therapie al bekend te krijgen en er
mee te leren communiceren. Komt er dan een getraumatiseerd
kind naar boven dan kan ogenblikkelijk een beschermer
aangeroepen worden om dit getraumatiseerde kind te helpen.
|
Pagina 14
|
Het creëren van de veilige plek. Dit wordt gedaan door de
alters te laten bedenken wat een veilige plek zou kunnen
zijn en hoe die er uit zou zien. Nadat deze plek tot
stand is gekomen, dit kan meerdere sessies in beslag
nemen, is de volgende stap om alle alters, niet tegelijk,
naar deze plek te brengen en het gevoel te laten ervaren
wat ‘veilig zijn’ betekent. Daar vele alters ‘veilig zijn’
nooit ervaren hebben is dit een essentieel onderdeel van
de therapie.
Verder heeft deze veilige plek als doel om alters naar
toe te laten gaan of te laten brengen door beschermers,
op het moment dat het onveilig wordt voor deze alters.
Het ‘overlevingsbriefje’. Omdat een
MPS’er gevaarlijk leeft, zij/hij kan ergens zijn zonder
te weten hoe daar te zijn gekomen, kan bijvoorbeeld
gewoon bijkomen tijdens de narcose van een operatie omdat
er een switch plaatsvindt tijdens deze narcose en de
volgende alter niet gevoelig is voor deze narcose, is het
belangrijk dat een MPS’er altijd een boodschap bij zich
heeft met de tekst: ‘Ik ben een meervoudige
Persoonlijkheid. Als mij iets mocht overkomen of ik
geopereerd moet worden, wendt u zich dan alstublieft
onmiddellijk tot.....’.
Verder moet de therapeut een lijst opstellen van alle
alters en wat hun functie en vaardigheden zijn. Deze
innerlijke spelerslijst zal in de loop van de therapie
telkens veranderen omdat er alters bijkomen maar ook
omdat er alters oplossen of gaan integreren met andere
alters.
Programmering en Deprogrammering
Onder programmering wordt verstaan de
bewustzijnsbeďnvloeding door de daders van het slachtoffer
om iets of niets te doen in bepaalde situaties. Het is
een soort automatisme of reflex, een reactie die
automatisch optreedt en zich onttrekt aan de bewuste
controle van het individu.
De dader installeert een programma met als doel controle
te hebben over de cliënt. Een zelfmoordprogramma
bijvoorbeeld dat de cliënt ook daadwerkelijk zelfmoord
laat plegen als cliënt een bepaald signaal van de dader
ontvangt. Deze programma’s kunnen alleen maar
geďnstalleerd worden door het kind op een grove manier
lichamelijk en geestelijk te martelen.
Welke soorten programma’s zijn er:
zelfbeschadigingsprogramma’s, doodsprogramma’s,
programma’s om de cultus (of de groep daders) controle te
geven over de slachtoffers, therapieverstorende
programma’s.
In principe is iedereen die jarenlang seksueel is
mishandeld, een dissociatieve stoornis heeft of
meervoudig is, door de dader(s) bestookt met de meest
vreselijke dreigementen. Als dit systematisch is gebeurd
is er sprake van een programma. Men mag er dus vanuit
gaan dat elke MPS’er op enige wijze geprogrammeerd is.
Het deprogrammeren van deze programma’s en het daarna
wissen zijn essentiële onderdelen van de therapie en is
een van de moeilijkste maar ook voor de cliënt
gevaarlijkste onderdeel van de therapie.
De deprogrammering verloopt volgens het PACEM model en de
deprogrammering van programma’s die zijn aangebracht in
de vroegste jeugd of zelfs tijdens de zwangerschap gaan
volgens het model van de PDE- reassociatie.
(blz. 259 t/m 263)
|
Pagina 15
|
Verwerking van het trauma, de trauma synthese
Voorwaarden voordat op een gestructureerde manier de
trauma’s herbeleeft en geďntegreerd kunnen worden:
Voor de veiligheid van de cliënt moet er eerst geoefend
worden met ideomotorische vingersignalen, daardoor heeft
de cliënt nog meer controle over de gebeurtenissen die
gaan komen en kan ook een van de alters van de cliënt
aangeven te willen stoppen met de herbeleving van het
trauma terwijl cliënt zelf in herbeleving is, bijvoorbeeld
een beschermalter.
Verdere vervolgstap is om te zorgen dat de traumatische
herinneringen op gecontroleerde wijze door cliënt naar
boven kunnen worden gehaald. Externe en interne prikkels
die deze herinneringen op ongecontroleerde wijze laten
ontstaan moeten dus eerst geneutraliseerd worden.
De volgende stap is de exploratie van het te verwerken
trauma. De omgevingsfactoren van het trauma worden in
kaart gebracht op een rationele manier. Emotionele
herbeleving is nog steeds niet aan de orde.
Dikwijls is het beter om een volwassen alter te laten
beschrijven wat het/de getraumatiseerde kindalter(s) daar
heeft/hebben meegemaakt.
(Schrijfster geeft hier nog een algemene waarschuwing
voor de therapeut: uit onderzoek is gebleken dat een
ernstig trauma waarbij hevige pijn is geleden het verbale
uitdrukkingsvermogen – ook van volwassene – sterk
belemmert. Vaak is het dan mogelijk om door spelen of
tekenen of schilderen het verbale gedeelte op gang te
brengen)
De volgende stap is de correctie van cognitieve
vertekeningen. Bepaalde gedachten zijn als waarheden voor
de cliënt gaan gelden.
De laatste stap voordat begonnen kan worden met
traumasynthese is het plannen en uitleggen hoe de
traumasynthese werkt. Dit om er nogmaals voor te zorgen
dat elke alter weet wat er gaat gebeuren en de cliënt
niet weer getraumatiseerd raakt.
De traumasynthese via een gecontroleerde herbeleving
helpt de cliënt om de verschillende alters die het trauma
onderling hebben opgesplitst met elkaar in contact te
brengen, het trauma nogmaals in alle details te beleven
(en wel zo dat het voor de eerste keer in zijn totaliteit
doordringt tot het bewustzijn van de betrokken alters),
en het ten slotte met alle belangrijke
persoonlijkheidsdelen te delen en te neutraliseren.
|
Pagina 16
|
Bij herhaalde traumatisering is het belangrijk om uit te
zoeken, wanneer en hoe was de eerste keer, de ergste keer
en de laatste keer.
In het boek worden twee wijzen van traumasynthese
aangegeven, de seriële traumasynthese en de parallelle
traumasynthese. Essentie van beide methode is dat er maar
een zeer beperkt deel van de herbeleving verwerkt wordt
(van enkele seconden tot een paar minuten) en dat de
ervaring gedeeld wordt met alle alters.
Na deze, voor de cliënt een afschuwelijke herbeleving,
moedigt de therapeut de alters aan om elkaar aan te
kijken, te troosten, goed voor elkaar te zorgen en ook
iets van hun kracht mee te geven aan de andere
deelpersonen.
Een synthese is dan pas goed verlopen als het trauma
geneutraliseerd is. Dat betekent dat het niet langer de
macht heeft de betrokkene in een psychofysiologische
toestand van extreme onrust en doodsangst te brengen en
de cliënt de traumatische gebeurtenis nogmaals te laten
ondergaan in de vorm van ongecontroleerde flashbacks.
Integratie en fusie van de alters,
post-integratieve arbeid
Integratie vereist het samengaan van verschillende
persoonlijkheidsdelen en wel op zo’n manier dat de
afzonderlijke delen (de alters) hun ervaringen en
eigenschappen intensief met elkaar delen. Fusie is als
bepaalde persoonlijkheidsdelen (alters) ophouden een
eigen leven te leiden.
Wat meervoudige persoonlijkheden tijdens de integratie
van hun getraumatiseerde alters vooral moeten doormaken
is een rouwproces. De cliënt moet leren intens te rouwen
om haar verloren jeugd, die ze nooit meer kan overdoen,
om de constante eenzaamheid en pijn, om de verloren tijd,
geld opleidingen en de energie die nodig was om het
trauma te verdringen en tenslotte om het feit dat cliënt
deze kennis tot het einde van haar/zijn leven zal moeten
meedragen.
Een belangrijke taak voor de therapeut is om de cliënt in
dit rouwproces te begeleiden.
Voor de cliënt wordt de situatie pas weer accepteerbaar
als de existentiële crisis is opgelost en de
fysiologische overprikkeling ophoudt en gevoelens van
doodsangst en controleverlies niet meer leiden tot
latente of openlijke paniek.
Twee gevoelens moeten duurzaam wortel schieten, ‘ik heb
het overleefd’ en ‘ik ben nu veilig’.
Pas wanneer de trauma’s en de daarmee verbonden alters
geďntegreerd worden, kan de existentiële crisis worden
opgelost.
De post-integratieve arbeid bestaat met name uit drie
delen.
Ten eerste: het aanpakken van nog bestaande stoornissen
zoals eet-, slaap-, en andere stoornissen en blijven
werken aan hun borderline-persoonlijkheidsstructuur.
Daarbij horen ook een aantal psychosomatische klachten en
de lichamelijke gevolgen van de jarenlange mishandelingen
en het eigen zelfvernietigende gedrag.
Ten tweede: het blijven verwerken van het verdriet
Ten derde: de schuldvraag, zeker als er alters
afgesplitst zijn die zelf dader werden.
|
Pagina 17
|
Afsluitend:
Het duurde nog een tijdje voordat deze vrouw begreep dat
ze niet alleen ‘net als iedereen’ is, maar ook een
geweldig mens en een heel bijzondere vrouw – al is ze dan
niet meervoudig meer. Een vrouw die onzegbare kwellingen
heeft doorstaan en opnieuw onzegbare kwellingen leed
toen ze zich dat allemaal realiseerde. Een vrouw die kan
zeggen: ‘nu begint mijn volgende leven’.
|
Pagina 18
|
|
| |
|
Programma-overzicht MPS - Onder Constructie -
|
| |
|
Terug naar 'Teksten Algemeen"
|